Het verlangen naar vergelding – positief of negatief – is één van de wezenskenmerken van het mens-zijn. Als dusdanig mag het niet verwonderen dat de zogenoemde retributieleer – beloning van goede daden en bestraffing van misstappen – ook in de bijbelse literatuur een centrale plaats heeft gekregen. De bijbelse teksten zijn immers niet levensvreemd. Integendeel, ze vinden hun oorsprong in het dagdagelijkse leven, waarin precies het gezond verstand een centrale rol speelt. Eén van de doelstellingen van de bijbelse literatuur is de mensen ertoe aanzetten een goed leven te leiden en het kwade te vermijden. De vergeldingsidee kan hier ongetwijfeld goede diensten bewijzen. Niettemin moet men voorzichtigheid aan de dag leggen. Als tegengewicht tegen de indruk dat het oude Israël een sluitende, eenduidige ‘vergeldingsleer’ kende, heeft deze bijdrage dan ook de veelkleurigheid van het concept in de bijbelse literatuur willen belichten. En ook al is ieder van ons in meerdere of mindere mate de vergeldingsgedachte niet ongenegen – het goede verdient beloning, het kwaad straf –, toch confronteert ook het Oude Testament ons reeds met de grenzen ervan: niet alle onheil is gevolg van misdaad, net zo min als alle weelde en geluk steeds en altijd rechtmatige beloning zijn. Ook van deze mogelijke uitwassen van de vergeldingsgedachte waren oudtestamentische auteurs terdege overtuigd.
Ausloos, H. (2016). ‘t Is een kwestie van rechtvaardigheid! Het Oude Testament en de ‘vergeldingsleer’. Ezra. Bijbels tijdschrift, 47(2), 33-43. https://hdl.handle.net/2078.5/47413 (Original work published 2016)