Hoewel het schrijversdagboek veelal de schijn onderhoudt van een losbandige schriftuur ontstaan uit een ongebreidelde creativiteit, kan het ook een zeer autocentrische indruk wekken. Onder die tegenspraak gaat een literaire vorm schuil die open staat voor hybriditeit en intergenerische dialoog. Dit artikel behandelt die paradoxale vraagstukken in het licht van het literaire statuut van het genre.
Sergier, M., & Vanderlinden, S. (2012). Het schrijversdagboek. De generische vrijheid van een schrijfpraktijk. Interférences littéraires, 2012(9), 17-24 (November). https://hdl.handle.net/2078.5/163306 (Original work published 2012)