Het biodiversiteitsverdrag vierde zijn vijfentwintigste verjaardag. Meer dan genoeg redenen voor een feestje: het verdrag zorgt immers voor een stevige beleidsmatige sturing op nationaal en internationaal niveau voor het behoud van het huidige diverse leven op aarde, wat nodig is om het menselijke leven op aarde te vrijwaren. Niettemin drong zich na het feestje een ontnuchtering op: het jongste verslag van IPBES (het IPCC voor biodiversiteit) toont immers aan dat zowat overal de rode knipperlichten aangaan en het menselijke (over)leven in gedrang komt. Het is dan ook tijd om een tandje bij te steken. Thans wordt hiervoor op internationaal niveau nagedacht over een nieuw strategisch globaal kader voor biodiversiteit voor het komende decennium. De uitvoering van de hierin geformuleerde doelstellingen zal tevens sterk afhangen van zijn juridische omkadering. Hiervoor moet evenwel dringend worden nagedacht over de juridische instrumenten die nodig en beschikbaar zijn op alle niveaus (nationaal, regionaal, globaal) om de uitvoering ervan te bevorderen. Na zelf een aanzet te hebben gegeven van potentiële juridische instrumenten om de uitvoering van dit globaal biodiversiteitskader te bevorderen, doen we een warme oproep om hier verder mee over na te denken.
Van Eeckhoutte, D., & Verleye, I. (2020). Biodiversiteitsverdrag: een crisis op je vijfentwintigste verjaardag? Tijdschrift voor milieurecht, 2019(6), 727-740. https://hdl.handle.net/2078.5/170453 (Original work published 2020)